vervolg
Na Dombashawa volgde Ngomakurira, een kilometer of 20 verder de dirtroad op. “Hoe ver is het”, vroeg ik bij de entree, tegen beter weten in, een beetje moe van de eerste klim. “Oh, niet zo heel ver, een minuut of twintig, het staat met een pijl aangegeven, naar rechts”. “Is het veel klimmen?” wilde Nicolas weten. “Welnee”, klonk het gedecideerd. Na 10 meter waden door struikgewas ging het direct stijl naar boven, een eindeloos stijgen met handen en voeten en waar bleef verdorie die pijl? Nicolas hijgde ver achter mij aan, dat kon nog wat worden met die gladde schoenen van hem, straks moest ‘ie nog met een hartaanval worden afgevoerd (Yeh, I’ ve got hypertension, that is why I’ m sweating so much) of met een nare fractuur. En we moesten nog voortmaken ook, de zon begon al achter de heuvels te zakken. Ik besloot alleen vaart te maken, slingerend aan takken en balancerend over grote rotsblokken. Als een waar Kleinduimpje speurde ik naar bakens in het landschap, de meeste richtingaanwijzers uitgewist door zon en wind.
Drie kwartier later stond ik eindelijk oog in oog met de neolitische relieken, zesduizend jaar geleden door de San op een steile rotswand aangebracht. Wat waren ze treffend en wat ging er een energie van uit. Je zou denken dat ze met plezier gemaakt waren. Maar welke barbaar had er met kapitalen HUNTERS bij gekrast en welke idioot had daar tekeningen in lopen kleuren? Ik bedacht uit woede ferme straffen voor de daders en verliet de plek met spijt. Kennelijk is niets veilig noch heilig voor de horden die overal hun tag moeten achterlaten. Pas op de terugweg kreeg ik Nicolas in het vizier, de schoenen bestoft en nog steeds hevig bezweet. “Draai maar weer om”, zei ik, “ik laat je de foto’s wel zien”. Daar ging hij, al glijdend, prompt de verkeerde kant op. Ik besloot hem stevig bij de hand te nemen en zelf voor te gaan. “God”, zei ‘ie, “I haven’t done this in years.”
Van de afdaling uitpuffend met een blikje prik kwamen de voorouderlijke tradities ter sprake. Hoe dat nou met de sangoma’s zat, wilde ik van Nicolas weten. Er was nogal wat ophef over geweest bij de wereldbeker voetbal, waar Afrikaanse ploegen zich voor het oog van de westerse wereld met voodoo hadden ingelaten. Wat mij betreft was de verontwaardiging nogal overdreven, want waarom zou je als ploeg wel een sportpsycholoog mogen inzetten en geen sangoma? Die laatsten hebben ook een belangrijke rol als ‘zielenherder’, naast hun functie als priester-waarzegger en kruidenkundige. In de tradities van de Zulu’s, Xhosa’s, Ndebele en Swazi in Zuidelijk Afrika zijn ze zeer gerespecteerd. Er gaan lange jaren van training en opleiding aan hun inwijding vooraf. En al spelen de krachten van de voorouders een belangrijke rol bij hun werk, die doen niet af aan de meer aardse vaardigheden die ze hebben. Ik dacht dat deze sangoma’s een belangrijk uitvalsbasis waren voor armen die geen regulier ziekenhuis kunnen betalen. Maar volgens Nicolas lag dat, althans in zijn omgeving, heel anders. Daar worden sangoma’s vaker voor magische vraagstukken geraadpleegd dan voor medische. Ik kon me direct voorstellen welke dat zouden kunnen zijn. Magiërs adverteren in Zuidelijk Afrika overal op straat en de flyers van Dr. Bubu voor al uw erectieproblemen, geldzaken, verloren liefdes en geknakte carrières hebben ook de brievenbussen in Nederland bereikt.
Volgens Nicolas kon je je maar beter niet met deze kwade sangoma’s inlaten. Ze zijn niet alleen duur, maar ook echt immoreel. Hier zouden ze je aanraden iemand te vermoorden om te krijgen wat je wilt en dat is doorgaans iets wat een ander wel heeft en jij niet. Dan neem je om te beginnen het leven van die ander, of je pakt een onschuldig kind, talrijk en makkelijke slachtoffers, in dit verband een veelzeggend woord. Bloed vervult een belangrijke rol bij de magie. Gebruikt de bonafide sangoma bloed van een offerdier voor zuivering, de zwarte magiër heeft duidelijk andere praktijken. Of Nicolas nog een voorbeeld kon geven? Nou, vooruit. Voor onoverwinnelijke kracht bij het boksen meng je het bloed van de zwarte mamba met je eigen bloed. In de ring ben je dan supersnel en sterk, maar daarbuiten zal je lopen als een oude man en zeer vermoeid schijnen. Het is de prijs die je voor je onoverwinnelijkheid betaalt. Ja, hij geloofde het echt. Er brak een brede glimlach door. “Weet je, zei ‘ie, het punt bij magie is dat je een hele waslijst aan geboden en verboden krijgt. Je mag dingen niet eten of moet het juist wel, je moet allerlei rituele handelingen verrichten en je moet je langdurig onthouden van seks. Als je je daar niet precies aan houdt dan werkt de magie niet meer”. “Ha”, was mijn reactie, “dat klinkt als het perfecte excuus voor de malafide sangoma. Wel zijn grandioze beloning opstrijken maar geen verplichting tot resultaat”. Nicolas knikte. Zo was het maar net.


